Het hele verhaal in 30 seconden.
Wat gebeurde er?
Een orthodontist kocht via zijn vennootschap een Ducati. De uitleg: de motor diende om medisch materiaal op te halen voor de praktijk. De vennootschap trok alle kosten af – afschrijvingen, onderhoud, verzekering en verkeersbelasting. Over twee aanslagjaren ging het om zo’n 7.000 euro.
Bij een controle vroeg de fiscus het voor de hand liggende: bewijs dat de motor echt voor het werk werd gebruikt. Een agenda, ritten, leveringsbonnen – om het even wat. Dat bewijs was er niet. De fiscus verwierp daarop alle kosten.
“Maar we hebben er winst op gemaakt”
De vennootschap verkocht de motor later met 7.300 euro winst, en op die meerwaarde werd belasting betaald. Het verweer lag dan ook voor de hand: als de winst belast wordt, moeten de kosten toch aftrekbaar zijn?
Het hof van beroep in Gent volgde die redenering niet. Dat je winst maakt bij de verkoop, bewijst niet waarom je iets gekocht hebt. Voor de aftrek van beroepskosten telt de intentie op het moment van de aankoop: kocht de vennootschap de motor om er beroepsinkomsten mee te verwerven? Zonder enig begin van bewijs van beroepsgebruik is het antwoord nee – meerwaarde of niet.
Wat het dossier extra verzwakte: uit de verzekeringspapieren bleek dat alle gezinsleden een motorrijbewijs hadden, en dat er privé ook verschillende motoren waren gekocht. Dat maakte het verhaal van de “werkmotor” er niet geloofwaardiger op.
Het pijnlijke resultaat
De vennootschap verloor twee keer:
- De kosten van de motor: niet aftrekbaar
- De winst bij de verkoop: wel belast
Geen aftrek en toch belasting betalen. Net dat maakt dit arrest opmerkelijk: de rechtspraak is verdeeld over de vraag of een (toekomstige) meerwaarde kan meetellen bij de beoordeling van beroepskosten. Het Gentse hof wijst die zogenaamde meerwaardetheorie hier resoluut af, zelfs nu de meerwaarde effectief gerealiseerd en belast werd.
Wat leer je hieruit?
Een aankoop is niet automatisch een beroepskost omdat hij op de vennootschap staat. Je moet het beroepsgebruik kunnen aantonen, en dat bouw je op vanaf dag één:
- Hou je professioneel gebruik bij. Ritten, afspraken, leveringen – een eenvoudig logboekje volstaat vaak al.
- Zorg dat je verhaal klopt op het moment dat je koopt. Wat er jaren later bij de verkoop gebeurt, telt niet als bewijs.
- Let op de privécontext. Rijbewijzen in het gezin en gelijkaardige privéaankopen wegen mee in de beoordeling.
Twijfel je of een aankoop in je vennootschap past? Vraag het even na voor je koopt. Dat is sneller dan achteraf discussiëren met de fiscus.
Bron: HvB Gent, 9 december 2025, rolnr. 2024/AR/577



