Terug naar het overzicht
3.2 Schijnzelfstandigheid en aansprakelijkheid
Werknemers die het statuut van zelfstandige hebben, maar in de werkelijkheid een beroepsactiviteit uitoefenen onder het gezag van een werkgever zijn schijnzelfstandigen. Normaal gezien zouden deze zelfstandigen in loondienst moeten zijn.
De werking via een managementvennootschap kan in vraag gesteld worden indien er in de exploitatievennootschap andere kaderleden zijn die dezelfde functie uitoefenen in dienstverband. Dat is een reden waarom een sluitende overeenkomst tussen beide vennootschappen van cruciaal belang is.
Verder moet bij het oprichten van een managementvennootschap ook aandacht geschonken worden aan de aansprakelijkheid. Het werken als zelfstandig manager heeft één groot nadeel, namelijk de onbeperkte en hoofdelijke aansprakelijkheid. Dit wil dus zeggen dat er geen onderscheid is tussen het privévermogen van de natuurlijke persoon (en zijn gezin) en het beroepsvermogen. Door de oprichting van een managementvennootschap wordt een afzonderlijke rechtspersoon gecreëerd met een afzonderlijk vermogen. Hierdoor kan het privévermogen niet direct worden aangesproken.
Meer uitleg aangaande schijnzelfstandigen en aansprakelijkheid kan u lezen in het onderstaande pdf bestand.
Download PDF